Interview

‘Oude documenten die nog niet gekraakt zijn, kunnen wel eens een nieuwe kijk op de geschiedenis werpen.’

11 november 2021

Universitair hoofddocent vroegmoderne Engelse letterkunde aan de Universiteit Leiden Nadine Akkerman ontvangt de Dr. Hendrik Muller Prijs 2021 voor haar werk op het gebied van Engelse literatuur en (vrouwen)geschiedenis. Waar gaat haar onderzoek over en wat laat haar onderzoek ons zien?

Je doet onder meer onderzoek naar vrouwelijke spionnen in de 17e eeuw. Hoe ben je hierin terecht gekomen?

‘Voor een NWO-Rubicon-subsidie deed ik onderzoek naar geheimtaal en cijfercodes in de 17e eeuw. Dit is ook de taal van spionnen. Al eerder was ik een grote vrouwelijke spion tegengekomen in de correspondentie van Elizabeth Stuart, waardoor ik onmiddellijk was geïntrigeerd. Dit was postmeesteres Alexandrine van Thurn en Taxis, die een postnetwerk in handen had. Zij opende stelselmatig brieven en maakte deze daarna ook weer netjes dicht zonder dat de ontvangers dit door hadden. Een andere bijzondere spion was Susan Hyde. Zij was de zus van een Engelse premier.

Zo ontdekte ik steeds meer vrouwelijke spionnen, die volgens de geschiedenisboekjes geeneens zouden bestaan in de 17e eeuw. Elke keer als je er een op het spoor bent, is het weer spannend. Blijkbaar is het iets menselijks om geheimen te willen achterhalen. De belofte dat je iets bijzonders zou kunnen vinden, is intrigerend. Oude documenten die nog niet gekraakt zijn, zouden wel eens een nieuwe kijk op de geschiedenis kunnen werpen.’

Wat laat jouw onderzoek ons zien?

‘Tijdens mijn onderzoek ontdekte ik dat vrouwelijke spionnen uit alle lagen van de bevolking kwamen: ze maakten niet alleen deel uit van hogere klassen, terwijl je dat misschien eerder zou verwachten, maar kwamen ook uit de lagere klassen. Dit betekent dat we best veel nog over het hoofd zien en we niet goed (genoeg) kijken. Want als we zelfs de aristocratische dames over het hoofd zien, wat zouden we dan nog meer missen? Het is belangrijk dat we onze blik verruimen. Als we anders kijken, zouden we de geschiedenis anders zien en deze nuanceren.

©KB, Nationale Bibliotheek van Nederland, signatuur KW 79 E 220

Verder speelt in mijn onderzoek het transcriberen van handschriften een grote rol. Alle teksten moeten ontcijferd worden, soms ook letterlijk, en ingetypt worden om deze te analyseren. Dit is een zeer tijdrovende klus. Om zorgvuldig onderzoek te doen en goede resultaten te behalen is in het algemeen veel tijd nodig. Tegenwoordig worden wetenschappers echter vaak gedwongen om veel sneller dan voorheen te publiceren. Gelukkig heb ik altijd veel steun gekregen van NWO (Rubicon, VENI, Aspasia) en nu ook het European Research Council (ERC). ‘

In november komt je boek ‘Elizabeth Stuart: Queen of Hearts’ uit. Hier heb je vast lang aan gewerkt?

‘Ik ben heel blij dat mijn boek nu verschijnt! Al sinds 2002 doe ik onderzoek naar Elizabeth Stuart. Met het redigeren van haar correspondentie, het annoteren van duizenden brieven, is het ongeveer mijn levenswerk. Het boek is eigenlijk niet alleen een biografie over het leven van Elizabeth Stuart, maar ook een biografie over die tijd. Elizabeth heeft veertig jaar in Den Haag gewoond en heeft hier het culturele leven behoorlijk veranderd. Haar kinderen woonden in een hof in Leiden en studeerden in die stad. Het boek laat zien dat de Britse en Nederlandse geschiedenis ontzettend met elkaar verweven was. Het laat ook zien hoe oorlogen die tijd heeft veranderd. Ditmaal vanuit de blik van een vrouw in plaats die van een staatsman.’

Wat ga je doen met de Dr. Hendrik Muller Prijs?

‘Ik heb allerlei plannen, maar zoals mijn spionnen zouden zeggen, ‘dat wil ik nog even geheim houden’.

Welke projecten staan er nu gepland?

‘De komende vijf jaar ben ik bezig met een groot ERC-project over manuscriptcultuur in de 16e en 17e eeuw. Ondanks de aanwezigheid van de drukpers zijn er toch veel handgeschreven documenten, en die werden geproduceerd met behulp van meerdere mensen, waardoor het moeilijk is om stemmen te ontwarren. In dit project staat het samenwerkingsproces tussen ‘auteurs’ in die tijd centraal, bijvoorbeeld tussen secretarissen en dichters, maar ook advocaten en aangeklaagden in rechtbanken. Wie ‘schrijft’ er precies? De meeste documenten worden dus geproduceerd door middel van een samenwerking van dicteren en schrijven, maar hoe ging dit precies in zijn werking? Naar welke stemmen hebben we nog onvoldoende geluisterd?’

Over de Dr. Hendrik Muller Prijs

Deze tweejaarlijkse prijs is bestemd voor een in Nederland werkzame onderzoeker die zich bijzonder verdienstelijk maakt op het gebied van de geesteswetenschappen en/of sociale wetenschappen en die niet langer dan vijftien jaar geleden is gepromoveerd.

Lees ook het persbericht over de toekenning van de Dr. Hendrik Muller Prijs 2021 aan Nadine Akkerman.

De Dr. Hendrik Muller Prijs wordt uitgereikt op dinsdag 14 december 2021 tijdens het door Nadine Akkerman samengesteld symposium Tegendraads in het archief: luisteren naar fluisteren. U bent daarbij van harte welkom.