Werken voor de wetenschap: NIOO-KNAW

In de rubriek Werken voor de wetenschap stellen we aan de twee generaties medewerkers van een KNAW-instituut dezelfde vragen. Over hun passie, de KNAW en de taak van de wetenschap. We starten met het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW). Bij het NIOO werken meer dan 300 mensen aan fundamenteel en strategisch ecologisch onderzoek.

Irene-de-Bruijn-picture-4943-1416214625-200px.jpgDr. Irene de Bruijn

Postdoc en junior leider van de onderzoeksgroep van het NWO-TTW (voorheen STW)-project Het ontcijferen van het vis-ei microbioom om ziektes in visteelt te bestrijden.

Waarom is werken voor de wetenschap zo mooi?
‘Voor mij is het voornamelijk ontdekken hoe de natuur in elkaar zit. Ik vind het ook belangrijk dat mijn onderzoeksresultaten toepasbaar zijn. Mijn onderzoek kan eraan bijdragen dat visteelt-bedrijven minder antibiotica en chemicaliën gaan gebruiken. 

Waar is uw liefde voor uw vak begonnen?
‘Ik wilde dierenarts worden. Maar toen ik aan het eind van de middelbare school een dag meeliep bij een dierenarts, bleek het toch niet zo leuk: checken op vlooien, steriliseren, castreren enzovoort. Mijn nieuwsgierigheid werd niet geprikkeld. Biologie paste veel beter bij mij.’

Heeft u bewust gekozen om voor een KNAW-instituut te werken?
‘Nee. Ik werkte bij Wageningen Universiteit. Mijn projectleider werd afdelingshoofd bij het NIOO en nam mij mee. Ik hoefde bij wijze van spreken alleen maar de straat over te steken.’ 

Wat zijn de voordelen van werken bij het NIOO-KNAW ten opzichte van het werken bij een universiteit?
‘Het grootste voordeel is de kleinschaligheid. Je hebt echt het gevoel dat je bij een gemeenschap behoort en niet een van de velen bent. Alles is letterlijk dichtbij. Je loopt gewoon even binnen bij financiën bijvoorbeeld. En ons gebouw is natuurlijk heel fijn om in te werken.’ 

Waar zou de KNAW nu eens echt (meer) mee aan de slag moeten?
‘De informatievoorziening zou nog beter kunnen. Ik zit in de KNAW-stuurgroep voor de carrièreontwikkeling van PhD-studenten en postdocs. Vanuit die positie zie ik dat er veel georganiseerd wordt, maar de informatie daarover bereikt niet altijd de doelgroep. Verder is belangrijk dat PhD-studenten en postdocs ook netwerken buiten de academische wereld. Er zijn nu eenmaal niet heel veel loopbaankansen binnen de wetenschap. De KNAW heeft net een bedrijfscarrièredag voor PhD-studenten georganiseerd. Het lijkt me een goed idee om ook zo’n dag voor postdocs te organiseren.’ 

Bij welk ander KNAW instituut zou u graag (weer) eens een kijkje nemen?
‘Dan denk ik toch allereerst aan het Hubrecht Instituut. Hoewel we qua onderzoek veel overlap hebben, weet ik toch niet goed wat ze allemaal doen. Misschien zijn er samenwerkingsmogelijkheden. En we kunnen zeker dingen van elkaar leren.’

De KNAW is de stem van de wetenschap. Wat is uw hartenkreet?
Microbes rule! Microben zijn overal en spelen een grote rol in ons dagelijks leven. Met nieuwe technologieën kunnen we ze beter in kaart brengen. We weten welke er zijn, maar we weten nog lang niet wat ze precies doen en waarom. En hoe we ze kunnen gebruiken. Met meer kennis daarover zouden we zoveel kunnen doen.’

Zie ook: Webpagina Irene de Bruijn



Interviews: Carel Jansen